Recreatie in Bunnik: introductie

Recreanten genieten van de Kromme Rijnstreek. Het Rivierenlandschap ontmoet hier de Utrechtse Heuvelrug. Landgoederen, uitgestrekte natuur, fruitboomgaarden, weilanden, cultuurhistorie. De Kromme Rijnstreek is afwisselend en biedt uiteenlopende mogelijkheden voor wandelen, fietsen, kanoën en paardrijden. Hoe verhoudt dit zich tot zonnevelden? Sommigen uiten hun zorgen, anderen zien kansen.

Meer over wat ons buitengebied zo aantrekkelijk maakt

In het Kromme Rijngebied wisselen cultuurhistorische elementen zich af op relatief korte afstand van elkaar:

  • de Nieuwe Hollandse Waterlinie met haar fortificaties en open schootsvelden
  • de groene Utrechtse Heuvelrug met landgoederen en buitenplaatsen
  • het meer open Kromme Rijnlandschap met haar fruitteelt
  • het unieke landschap van de Langbroekerwetering met de vele ridderhofsteden en de bijzondere verkaveling

Intensieve en extensieve recreatieve gebieden

Bunnik ligt op het kruispunt van twee (toekomstige) werelderfgoederen (Nieuwe Hollandse Waterlinie en Romeinse Limes) en op fietsafstand van een derde [welke?]. Het cluster Amelisweerd/Rhijnauwen, Fort bij Vechten met het Nationaal Waterliniemuseum en het Museum Oud Amelisweerd vormt hét recreatief uitloopgebied voor de inwoners van de stad Utrecht. De grootste recreatieve druk ligt in dit gebied.

 

Ten zuiden van de Kromme Rijn is de recreatie minder intensief. Hier is het rivierenlandschap goed zichtbaar. Kronkelende wegen, de Kromme Rijn met oude stroomgeulen en fruitboomgaarden domineren hier het landschap. De aantrekkingskracht van de onbedijkte rivier en de fruitboomgaarden gecombineerd met de mogelijkheden van verkoop van vers fruit aan huis vormen de recreatieve waarden van het gebied. Deze worden aangevuld met beperkte agro-toeristische activiteiten, zoals kamperen bij de boer, boerengolf en zelf kaas maken en proeven. In dit zuidelijke deel liggen nog volop kansen voor ontwikkeling van recreatie(voorzieningen).

Impact van het landschap op recreatie

De kwaliteit van het landschap is van groot belang voor recreatie. De aantrekkingskracht van het gebied neemt toe als je de natuurlijke kwaliteiten van het landschap versterkt. Vanzelfsprekend neemt de aantrekkingskracht af wanneer het landschap wordt aangetast. Veranderingen in het landschap hebben dus direct invloed op de recreatieve waarde van het gebied.

Impact van zonnevelden op recreatie

  1. Fiets-/wandelrecreatie: de impact hierop is lastig in te schatten. De meningen over panelen in het landschap zijn zeer divers zowel bij bewoners als bij recreanten. Is alleen het oorspronkelijke landschap van Bunnik aantrekkelijk voor recreanten? Of biedt het ook kansen?
  2. Verblijfsrecreatie: grotere zonnevelden zijn ruimte-intensief. Van belang is gewenste verblijfsrecreatie niet te blokkeren. Soms is het een optie om een zonneveld voor een periode van 15 jaar te exploiteren. Er is in Bunnik beperkt sprake van verblijfsrecreatie.

(Foto van Solarpark de Kwekerij, Bronkhorst, fotograaf: Rutger Hollander)

Hoe kunnen zonnevelden recreatie versterken

  • Nederland bestond vroeger uit energielandschappen, denk aan traditionele windmolens, bomen, veen, etc
  • het begrip ‘energielandschap’ wordt in een modern jasje zichtbaar met bijvoorbeeld een zonneveld
  • verleden en toekomst worden op die manier in verbinding gebracht en beleefbaar genaakt
  • interessant voor recreanten: wandelpad door een zonneveld met rondleidingen en info-borden
  • extra natuur en recreatie bekostigd uit de business case van een zonneveld
  • wifi en opladen elektrische fiets met zonne-energie

(Foto: Installatieprofs.nl)

CONCEPT: Beleidskeuze van de gemeente

De gemeente wil passend in de Bunnikse maat en schaal ruimte bieden aan recreatie én zonnevelden. Dit beleidskader zou bijvoorbeeld kunnen kiezen voor:

  • zonnevelden op dit moment niet toestaan in Amelisweerd, Rijnauwen, binnen 300 meter van Fort bij Vechten en Castellum Fectio
  • zonnevelden starten vanaf minimaal 100 meter afstand van de recreatieve route zoals het wandelpad van de Kromme Rijn
  • zonnevelden in het zicht van belangrijke recreatieve routes zijn beperkt van omvang bijvoorbeeld 2-5 hectare
  • zonnevelden volgen de natuurlijke verkaveling maar liggen bij voorkeur ‘dwars op de route’ waardoor fietsers en vooral wandelaars aan de korte zijde het veld passeren
  • de installatie mag maximaal 1 meter hoog zijn in open gebieden om het uitzicht zo min mogelijk aan te tasten